logo NCGeo


Inleiding

Deze notitie vertegenwoordigt de visie van de Subcommissie Bodembeweging en Zeespiegelvariatie voor de onderzoeksactiviteiten in de periode 2002 tot 2007 afgestemd op het programma van de Nederlandse Commissie voor Geodesie (NCG).


Samenstelling

De Subcommissie streeft naar een samenstelling met disciplinair evenwicht, die past bij de actuele maatschappelijke en wetenschappelijke conjunctuur. Naast de van oudsher sterke aanwezigheid van geodesie is er ook goede aansluiting met geologie, seismologie, geofysica, geotechniek en hydrologie. In de problematiek van bodembeweging en zeespiegelvariatie is er immers behalve een accurate voorstelling ervan, ook een groeiende behoefte te constateren aan inzicht in achterliggende fysische processen en aan zicht op trends en trendbreuken. Tevens is in de samenstelling van de Subcommissie naast de sterk vertegenwoordigde kennisinbreng ook de stem van het kennisgebruik herkenbaar bij monde van participerende olie- en gasmaatschappijen. De Subcommissie is recent versterkt vanuit de zoutwinningsbranche. De Subcommissie acht de bodemverandering door oppervlaktegrondstofwinning en locale zettingen door (ondergrondse) bouw niet tot haar primaire aandachtsgebied.
Missie

Als afgeleide van de hoofdtaken van de NCG wordt de missie van de Subcommissie als volgt omschreven.

1. Richting geven aan fundamenteel en strategisch onderzoek

De Subcommissie realiseert dit in haar bijeenkomsten, waarin onderzoeksresultaten op het gebied van bodembeweging en zeespiegelvariatie worden gepresenteerd en besproken; door het formuleren en stimuleren van specialistisch onderzoek (NCG-promotieplaatsen) en door het onderhouden van (inter)nationale wetenschappelijke contacten.

2. Bevorderen van het vastleggen en verspreiden van relevante kennis

De Subcommissie realiseert dit door de versterking van de relatie tussen kennisleveranciers en kennisafnemers middels thematische bijeenkomsten, door NCG-publicaties en het bijhouden van de 'state of the art' middels actieve informatie-uitwisseling en deelname aan (inter)nationale commissies.

3. Voorlichtingsrol en aanspreekpunt

De Subcommissie realiseert dit door gevraagd en ongevraagd adviezen te verstrekken aan de NCG en haar subcommissies, de wetenschappelijke wereld en collectieve onderzoeksprogramma's (ICES, EU), en tevens aan instanties zoals de Technische Commissie Bodembeweging, Staatstoezicht op de Mijnen en Commissie Bodemdaling door Aardgaswinning, ter ondersteuning van hun voorlichtingstaak naar de maatschappij. Relaties met de omgeving worden bij voorkeur ingevuld via personele unies.


Omgevingsanalyse

De verwachting dat de maatschappelijke belangstelling voor de problematiek van bodembeweging en zeespiegelvariatie de komende jaren groot zal zijn, is gerechtvaardigd. De recente beleidsnota's (5e Nota Ruimtelijke Ordening, 3e Kustnota) zijn gericht op integratie van functionaliteit en modaliteit. Zo wordt de invloed van klimaatverandering onderkend in een verwachte zeespiegelstijging en getijdenverandering, vraagt de verwachte toename van maximale neerslag en hoogwaterstanden om drastische waterhuishoudkundige aanpassingen en tellen landschap, cultuur- en natuurwaarden ook internationaal sterker mee in de politieke en maatschappelijke besluitvorming ten aanzien van grondstofwinning (gas, olie, zout, water), inpoldering en kustvorming. Het besef dat de maakbaarheid van de samenleving haar grenzen kent, levert de vraag op naar de haalbaarheid en de gevolgen van menselijke ingrepen. De bodembewegingsproblematiek is hierin een essentieel aspect en de ingeslagen weg van de Subcommissie om te bevorderen dat grootschalige metingen goedkoper, sneller en vooral ook preciezer worden, zal voortvarend gecontinueerd worden.


Onderzoeksagenda

De Subcommissie acht de kwaliteitsborging van technisch-wetenschappelijke aspecten van bodembeweging en zeespiegelvariatie de belangrijkste van haar taken, naast die van kennisconservator en voorlichting. Zij voert zelf geen onderzoek uit, maar stimuleert, consulteert, rapporteert en adviseert over processen en projecten in haar aandachtsgebied. De onderwerpen die aandacht behoeven in de komende jaren vormen de onderzoeksagenda.

1. Inzicht in de fysische achtergrond van bodembeweging en zeespiegelvariatie

De oorzaken van gemeten beweging van de regionale bodem en zeespiegel (NAP), plaatselijk maaiveld en locale kleinschalige veranderingen worden helder door kennis van de achterliggende processen zoals bij grondstoffenwinning, bodemklink, erosie en sedimentatie (zandsuppletie), aardbeving, grondverzet en (grond)waterbeheer. Zowel vanwege de aard van de processen als de grotere aandacht voor de bodembeweging aan de kust ziet de Subcom­missie dat ook de horizontale component van de bodembeweging belangrijker wordt.

2. Normeren van meetgegevens en interpretatiemethodieken van bodembeweging en zeespiegelvariatie

Ten aanzien van betrouwbaarheid, precisie en meetbaarheid wil de Subcommissie een meer formele rol spelen bij het vaststellen van standaardisatie en normering in data-acquisitie, in analysemethoden en in bruikbaarheid van methodieken, afhankelijk van gestelde doelen. Door actieve deelname in (inter)nationale commissies en door in de Subcommissie uitgewerkte normvoorstellen wil zij deze taak vormgeven.

3. Profilering van de Subcommissie; haar kennis en kunde bekend stellen

Door het up-to-date houden van de website (ook in het Engels), door het zorgen voor aansluiting (hyperlinks, zoekmachines) en door gerichte professionele ondersteuning op het gebied van bodem­beweging en zeespiegelvariatie aan beleidsinstanties en nationale onderzoeksprogramma's (EMR, TCBB, MD, DC, COB, TAW, Waterbeheer 21e eeuw) wil de Subcommissie haar technisch-maatschappelijke rol versterken.[1]


Werkplan

  • Voor de planperiode 2002 - 2007 stelt de Subcommissie jaarlijks een actieplan op, waarin concrete projecten en activiteiten, die passen in de onderzoeksagenda, alsook te behalen resultaten (targets) zijn benoemd. Het actieplan wordt jaarlijks met instemming van de NCG als bijlage aan het onderzoeksprogramma (deze notitie) toegevoegd.
  • De Subcommissie blijft wat samenstelling betreft ongewijzigd, voor hydrologie (zeespiegelvariatie) wordt vertegenwoordiging gezocht.
  • De Subcommissie komt 2 à 3 maal per jaar bijeen en organiseert tweejaarlijks een thematische bijeenkomst voor breder publiek.
  • De Subcommissie zorgt waar mogelijk voor nationale vertegenwoordiging in relevante internationale activiteiten op het gebied van bodembeweging en zeespiegelvariatie (ESEAS, SISOLS).
  • De Subcommissie zorgt voor adequate profilering van haar kennis en kunde, zowel via directe acquisitie als via internet.

[1] Pers, publiek en politiek hebben geringe kennis op het gebied van bodembeweging en zeespiegelvariatie. Dat leidt regelmatig tot onjuiste conclusies, verdraaiing van feiten en onjuiste beslissingen.

Ga naar boven
JSN Boot template designed by JoomlaShine.com